Bestelling vanaf deze website worden NIET in behandeling genomen!

Bestelling vanaf deze website worden NIET in behandeling genomen!

Bestelling vanaf deze website worden NIET in behandeling genomen!

  • Recensies Gijs Korevaar

Gijs Korevaar | journalist en recensent
van spannende boeken voor BOEKENTIJD!

 

 


Stan Lauryssens, Rijker dan rijk, uitgeverij Manteau

Chaos in Antwerpen

Iedere schrijver heeft zijn eigen toon en schrijfstijl waarmee de auteur zich onderscheidt van zijn collega’s. Dat geldt al helemaal voor de Antwerpenaar Stan Lauryssens. Zijn boeken zijn altijd chaotisch, vol seksistische grappen en grollen en met zeer grafische beschrijvingen van de gebeurtenissen. En als de blunderende politie de crimineel al weet op te pakken, is dat meestal door puur toeval. Al deze kenmerken zijn ook aanwezig in het nieuwe boek van de schrijver, Rijker dan rijk. Het is het derde boek van zijn trilogie over de geslaagde overval op de Nationale Bank waarbij een bestelwagen vol geld is buitgemaakt. Eerdere delen hebben de kleurrijke titels Doder dan dood en Bloter dan bloot mee gekregen. De rechercheurs van de Antwerpse moordbrigade onder leiding van de nieuwe baas Sofie Simoens zijn nog steeds op zoek naar de overvallers en de buit. Waar de politie faalt, lijkt de geharde crimineel Ricco te slagen. Hij krijgt van een hoertje een tip waar het geld zou kunnen liggen. Maar eerst pleegt hij met zijn maten een overval op een foute handelaar in bloeddiamanten waarbij de diamantbeurs in Antwerpen volledig op zijn kop wordt gezet. In deze chaos lijkt Sofie Simoens de weg kwijt te raken. Tot het toeval haar weer op het juiste spoor zet. Stan Lauryssens maakt er in dit boek weer een heerlijk potje van. Hij neemt nergens een blad voor de mond en beschrijft elke moord, elke vrijpartij, met de schuttingwoorden die passen bij zijn hoofdpersonen, criminelen of recherche. De snelle actie in het boek doorkruist de stad aan de Schelde en de taal is vaak wel erg Vlaams. Daar moet je als lezer van houden. Rijker dan rijk is minder goed dan zijn briljante Dali & I maar voor wie het Vlaams als een verrijking ervaart, zijn de boeken van Stan Lauryssens stuk voor stuk aanraders.

// Gijs Korevaar //

John Connolly, De Geliefden, uitgeverij Luitingh-Sijthoff

Donkere avonturen in New York

De boeken van John Connolly hebben iets engs, iets donkers, een extra dimensie waardoor de rillingen over de rug lopen. Dat geldt ook weer voor het nieuwste boek van de Ierse schrijver: De Geliefden. Het begin van het verhaal is nog vrij normaal. Charlie Parker, de vaste hoofdpersoon van Connolly, is tegen zijn zin met vervroegd pensioen gestuurd en hij heeft eindelijk de tijd om het raadsel rond de zelfmoord van zijn vader uit te pluizen. De gezagsgetrouwe agent van de New Yorkse politie heeft vlak voordat hij zelf een kogel door zijn hoofd schoot, een jong stelletje vermoord. Wat heeft hem bezield, vraagt Charlie Parker zich af. Tijdens zijn speurtocht komt Charlie er achter dat zijn ouders misschien wel helemaal zijn biologische ouders niet zijn en dat de geliefden die zijn vader heeft gedood, terugkomen met maar een doel voor ogen en dat is de dood van Charlie Parker zelf. Dat is die extra dimensie die de boeken van Connolly tekenen: Het kwaad is niet te doden. Als de geliefden sterven, beginnen ze gewoon ergens anders opnieuw. Het heeft wat weg van zwarte magie, van bovennatuurlijke horror, maar John Connolly weet er met zijn scherpe pen en heldere dialogen toch een geloofwaardig verhaal van te maken. Nergens wordt het plot zweverig, het blijft een rechtlijnige thriller verweven met elementen van huiveringwekkende horror. John Connolly schrijft het net als zijn vele eerdere thrillers mooi op. De lezer wordt het verhaal ingezogen. Pas na de spetterende finale is het boek weer neer te leggen.

// Gijs Korevaar //

Salvo Sottile, Donkerder dan middernacht, uitgeverij AW Bruna

Maffia is jarenlang een soort kanker geweest

Bang is de Siciliaanse schrijver Salvo Sottile niet. Als misdaadjournalist nam hij al geen blad voor de mond, maar ook zijn keiharde boek over de Maffia verandert daar niets aan. “Bedreigingen horen een beetje bij het spel. Ik blijf dol op Sicilië en ik ben er ook nog steeds welkom. Misschien niet bij iedereen, maar in ieder geval wel bij het gezonde deel van het eiland.”

De schrijver is even op bezoek in Amsterdam ter gelegenheid van zijn thriller Donkerder dan middernacht, een boek over de Siciliaanse maffia. “Het is een bedacht verhaal, maar het geeft wel de sfeer in het boek is gebaseerd op de werkelijkheid. De romantische visie van de Amerikaanse films bestaat niet. Ik teken de maffia zoals het is. Mannen die een dubbelleven leiden, die zwakheden kennen, kwetsbaar zijn, eigenlijk net als wij.”

In zijn boek bekijkt hij de moderne maffia door de ogen van twee vrouwen. De ene, Rosa, realiseert zich te laat dat haar man een belangrijke rol speelt in de Cosa Nostra. Haar man klauwt zich samen met zijn jeugdvriend omhoog in de Corleone-clan. Rosa kan de bloedige strijd, de wreedheden, niet meer aan en duikt onder.

De andere vrouw is openbaar aanklager Elvira, die alles op alles wil zetten om de criminelen te pakken. Zij speelt het spel eigenlijk bijna net zo hard als de georganiseerde misdaad om haar doelen te bereiken. De twee vrouwen komen klem te zitten in de bloedige strijd tussen de clans uit Palermo en Corleone. De eerste staat voor de ‘oude’ maffia met zijn liquidaties, bommen, ontvoeringen en intimidatie, de tweede voor de ‘moderne’ maffia die streeft naar rust en stilte om de vuile zaakjes af te handelen.

“Het extreme geweld is geen onderdeel van de nieuwe maffia. De nieuwe generatie weet dat het lonender is om in stilte te werken. Rumoer rond schietpartijen en bommen trekt maar politie aan. Donkerder dan de nacht beschrijft de laatste stuiptrekkingen van die oude generatie die plaats moet maken. Daarbij spelen vrouwen een centrale rol in Sicilië. Zij zijn de spiegel waarin mannen zichzelf zien en zich niet meer herkennen. De vrouwen zijn belangrijk voor de maffia om de organisatie in het millennium te brengen.”

Toch is het wel belangrijk dat iedereen zich die ‘oude’ maffia blijft herinneren, onderstreept de schrijver. “De maffia is jarenlang een soort kanker geweest. Het armste deel van de bevolking was ermee besmet. Sommigen kozen er bewust voor, anderen bleven ‘gezond’. Vandaag zijn er steeds meer Sicilianen er van overtuigd dat de ziekte te genezen is. Maar ik wil mensen blijven waarschuwen en de herinnering levend te houden. We mogen nooit vergeten wat de maffia heeft aangericht.”

Salvo Sottile kent die schade voor zijn eiland uit de eerste hand. Als 17-jarige jongeling begon hij als misdaadjournalist bij de krant in Palermo. “Een beetje argeloos nog, onbewust van het gevaar. Maar ik was opgegroeid in dit land en ik kon mijn ogen toch niet sluiten voor wat er aan de hand was? En misdaad was op Sicilië een goudmijn om over te schrijven.”

Zijn vak stelde Sottile in staat om zijn aangeboren nieuwsgierigheid te bevredigen. Maar het was ook zijn manier om van eeen afstand toe te kijken zonder een oordeel uit te spreken. In Donkerder dan middernacht is een deel van die journalistieke achtergrond nog te zien. In vlijmscherpe schetsen tekent Salvo Sottile de gebeurtenissen zoals die zich in Palermo hebben afgespeeld. Het maakt dat het boek zich als een meeslepende actiethriller laat lezen.

De schrijver Salvo Sottile heeft echter wel degelijk een oordeel over de georganiseerde misdaad die zijn eiland in de machtige greep hield. En nog steeds gedeeltelijk houdt. Niet voor niets vergelijkt hij de maffia met een dodelijke ziekte. “Als journalist beschrijf je feiten en oordeel je niet. Als schrijver kan mijn fantasie de vrije hand laten. Het helpt mensen om na te denken over de invloed van de maffia. Mensen zijn verzadigd van de nieuwberichten over de misdaad. Misschien kunnen zij zich wel herkennen in de mensen in een bedacht verhaal.”

Het is deze combinatie van journalistieke reportage en bedacht verhaal die van Donkerder dan middernacht zo’n lekker leesboek maakt. De personages lijken levensecht in een boeiend en geloofwaardig plot. Donkerder dan middernacht is dan ook een echte aanrader.

// Gijs Korevaar //

Guido Eekhaut, Loutering, uitgeverij De Boekerij.

Vurige sekte zoekt verlossing

Een open plek in een bos midden in de Ardennen, in een cirkel staan palen en aan die palen zijn mensen vastgebonden en vervolgens in brand gestoken. De verwrongen lijken vormen een luguber bewijs van de wreedheid waar mensen toe in staat zijn.

De Vlaamse schrijver Guido Eekhaut roept het beeld van deze gekte op aan het begin van zijn nieuwe boek Loutering. Opnieuw speelt de Vlaamse inspecteur Eekhaut, die is uitgeleend aan de Nederlandse AIVD, de hoofdrol. Samen met zijn Nederlandse chef, Alexandra Dewaal, stuit hij na een anonieme tip op de lijken in de bossen.

Al snel blijken er meer van dit soort rituelen te zijn uitgevoerd waarbij mensen levend worden verbrand. Eekhaut en Dewaal komen zo op het spoor van een sekte die er van is overtuigd dat de wereld binnen afzienbare tijd zal vergaan. Om zichzelf in de ogen van God te louteren moeten zij ‘onwaardigen’ in brand steken. Een meer lugubere sekte is nauwelijks voor te stellen.

Maar dat is nog niet alles. De sekte is bezig met de voorbereiding van de grote klapper die alle leden van de geloofsgemeenschap in een keer van alle zonden bevrijdt. Dat een groot aantal ‘onwaardigen’ de vuurdood zal moeten sterven, is voor de sekteleden geen bezwaar. Maar Eekhaut en Dewaal moeten een en ander in een race tegen de klok zien te voorkomen.

Eekhaut weet het verhaal boeiend en geloofwaardig op te schrijven. In een vloeiende stijl beschrijft hij hoe zijn hoofdpersonen langzaam een oplossing naderen. Tegelijk laat hij zijn Vlaamse naamgenoot met grote ogen naar Nederlanders kijken en verbaasd hij zich over het Amsterdamse stadsleven. Het maakt Loutering – net als zijn eerste boek Absinth – een beetje meer Nederlands dan Vlaams. Alhoewel de Vlaamse uitdrukkingen niet helemaal zijn weg te poetsen. Maar het lijkt daarmee toch geschikter voor de gemiddelde lezer van spannende boeken dan de boeken van Vlaamse schrijvers die ook in Vlaanderen spelen.

// Gijs Korevaar //

Alex van Galen, Duivelssonate, uitgeverij A.W. Bruna

De pijn van een kunstenaar

Een creatieve persoonlijkheid blijkt een goede voedingsbodem voor de stoornis van manisch-depressiviteit. Veel meer kunstenaars hebben last van deze ziekte dan ‘gewone’ mensen. De Nederlandse thrillerauteur Alex van Galen heeft zich op dit fenomeen gestort in zijn onlangs uitgekomen tweede spannende boek, Duivelssonate.
“Het is wetenschappelijk bewezen dat vijf procent van de mensen er aan lijden. Maar bij kunstenaars is dat tussen de 40 en 65 procent. Een creatieve persoonlijkheid blijkt een goede voedingsbodem voor manisch-depressiviteit,” vertelt Van Galen. Voorbeelden van kunstenaars met deze vorm van geestesziekte? Van Galen somt op: Händl, Michelangelo, Schumann, Jimi Hendrix, Kurt Cobain. “Vincent van Gogh ook. In zijn manische periodes schilderde hij elke dag een meesterwerk. Maar tijdens de volgende depressie sneed hij zijn oor af. Nee, het is geen vrolijke ziekte. Het eindigt maar al te vaak in zelfmoord.”

In Duivelssonate kampt meesterpianist Notovich met de gevolgen van de ziekte. Hij speelt de sterren van de hemel, maar hij krijgt last van black-outs. Als zijn vriendin verdwijnt en hij met bebloede kleren op het podium zit, wordt hij opgepakt. Notovich kan zich echter helemaal niets herinneren. Hij trekt zich depressief terug en houdt zichzelf moeizaam op de been met behulp van medicijnen. Als hij vervolgens wordt uitgedaagd om weer te gaan optreden komt stukje bij beetje zijn geheugen terug. Maar hij lijkt langzaam gek te worden tijdens het ‘pianoduel’ met zijn uitdager. Notovich moet er achter zien te komen wat zijn tegenstander drijft voordat de politie hem oppakt wegens doodslag op zijn vriendin.

Van Galen is zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid van de ziekte gebleven. “Misschien heeft Notovich in een psychose zijn vriendin wel om het leven gebracht? De manische periodes kunnen omslaan in zo’n psychose. Daar slikken mensen medicijnen voor. Die pillen vlakken de emoties af. Een kunstenaar moet het juist hebben van die emoties. Maar als je de pillen niet meer slikt, kan je jezelf dan nog in de hand houden? Als creativiteit uit de hand loopt, zit je in de gevarenzone. Het is net als bij een topsporter, die balanceert op het randje van de gezondheid. Je zit snel aan de verkeerde kant van de streep. Maar dat is het mooie van kunst. Notovich moet heel diep gaan. Pijn omzetten in schoonheid. Dat is toch het mooie van een kunstenaar.”
Zelf heeft Van Galen geen last van manische aanvallen of depressies. “Maar op een bepaalde manier dacht ik wel dat ik er last van had. Iedere schrijver kent wel de euforie van een boek, maar ook een depressie kennen de meeste schrijvers wel. Ik kan me er dan ook wat bij voorstellen. Bij iets als schizofrenie kan ik dat niet. Daar zou ik dus ook geen boek over kunnen schrijven. Dat staat te ver van me af.”

Het idee voor het boek is overigens voor Van Galen begonnen toen hij las over de legende van een Duivelssonate. Componist Tartini beweerde dat de duivel hem op een nacht een sonate had voorgespeeld. De volgende dag zou Tartini die ‘Sonata del Diavolo’ hebben opgeschreven. Het is volgens kenners een zeer lastige, technische krachttoer in drie delen. Van Galen: “Ik was gefascineerd door Franz Listz, die volgens tijdgenoten zo goed kon pianospelen dat hij zijn ziel aan de duivel moest hebben verkocht. Ik las vervolgens dat hij pianoduels hield met concertpianisten. Ik dacht meteen: Daar moet ik een thriller over kunnen schrijven.”

De schrijver verdiepte zich in de stoornis manisch-depressief maar ook in het leven van concertpianisten. “Ik heb met enkele pianisten gesproken. Het zijn echte perfectionisten. En het zijn ook mensen die heel erg overtuigd zijn van hun eigen talent. Anders houd je het niet vol. Dat heb ik in mijn boek gebruikt.”

Dat Alex van Galen boeken schrijft, is geen verrassing. Als succesvol scenarioschrijver heeft hij meegewerkt aan tv-series als Rozengeur & Wodka Lime en Onderweg naar morgen. Maar het bevredigde hem niet meer. Van Galen wilde meer. “Door mijn studie literatuurwetenschappen vond ik literatuur niet leuk meer. Daarom ben ik een thriller gaan schrijven. Lekker pretentieloos. Maar in Duivelssonate zoek ik wel weer meer diepgang. Door het schrijven van boeken ben ik lezen ook weer leuk gaan vinden.”

Van Galen leest nu weer van alles wat. Literatuur, spannende boeken, net waar hij zin in heeft. Alleen echte detectiveverhalen hoeven voor hem niet. Dat is toch drama uit de tweede hand, concludeert hij. “Het echte drama in het boek is al gebeurd en wat rest is een puzzel die een detective voor je oplost. Dat is voor mij niet bevredigend. Ik heb liever een hoofdpersoon die het drama meemaakt. Zoals in Duivelssonate Notovich het drama beleeft. Voor mij zijn emoties belangrijk in een boek.”

// Gijs Korevaar //

René Appel, Van twee kanten, uitgeverij Anthos

René Appel blijft boeien

Het zal je maar gebeuren: Op de begrafenis van je vader kom je de liefde van je leven tegen. Toeval? Of is het kwade opzet, zoals anderen beweren. Fransien Wagtendonk denkt er verder niet over na en springt in het diepe. Maar als de roze wolk van haar huwelijk wegdrijft, begint de twijfel te knagen.

René Appel weet als geen ander zijn boeken de nodige psychologische spanning en diepgang mee te geven. De oude rot slaagt er opnieuw in die spanning ook in zijn nieuwste boek, Van twee kanten, op te roepen. Fransien is als enige erfgename van haar rijke vader een geliefde prooi voor goudzoekers, maar aanvankelijk gelooft zij niet dat haar man zo iemand is. Hoe haar overbuurvrouw, de lesbische Tosca, haar er ook van probeert te overtuigen dat die man niet deugt. Het brengt Fransien in een lastige positie: kiest zij voor haar man of gelooft zij haar buurvrouw. Totdat zij bedenkt dat ze ook voor zichzelf kan kiezen.

In zijn boek beschrijft René Appel op een zeer geloofwaardige wijze de relatie tussen de drie hoofdrolspelers. Vooral Fransien komt mooi uit de verf. De jonge vrouw is op haar kwetsbaarst als haar dierbare vader net is overleden en ze durft nauwelijks eigen beslissingen te nemen. Ze laat zich op sleeptouw nemen. Dat haar man maar ook haar vriendin hele andere ideeën hebben en eigen doelen nastreven, ontgaat haar volledig. Slechts heel langzaam komt haar eigen wil weer te voorschijn.

Zoals van een ervaren en succesvol schrijver als René Appel mag worden verwacht, is Van twee kanten mooi en vlot geschreven. Het verhaal hapert nergens en de schrijver verliest zich niet in details en zijstraten die niets aan het verhaal toevoegen. Het plot is zeker geloofwaardig en helder opgeschreven. Samen met de goed uitgewerkte personages en de langzaam oplopende spanning blijft Van twee kanten boeien tot de mooi gevonden finale.

// Gijs Korevaar //

Joost Heyink, Het experiment, uitgeverij Anthos

Geweld en intimidatie van een sekte

Wat moet een vrouw doen als haar vriend helemaal bezeten raakt van een sekte? Hella Rooyakkers laat zich in het tweede boek van Joost Heyink overhalen om ook eens bij die organisatie te gaan kijken. Onder het mom van ‘anders groeien we uit elkaar en dat willen we toch niet’ schrijft ze zich zelfs in voor een speciale training, een experiment van de Nederlandse tak van de Amerikaanse sekte.

Het is een experiment dat gedoemd is slecht af te lopen.

Joost Heyink weet als psycholoog waarover hij schrijft. Vooral de langzame dwang van vriend Berry om Hella ook naar de sekte te krijgen, weet hij mooi weer te geven. Als Hella dan onverwachte hulp krijgt van een undercover journalist die de praktijken aan de kaak wil stellen, valt Berry genadeloos door de mand. Hij kiest voor Sygma, de enge sekte, en niet voor zijn vriendin Hella.

De schrijver beschrijft beklemmend de wurggreep van zo’n organisatie. Met intimidatie, psychologische chantage en regelrechte dwang proberen de sekteleiders zieltjes te winnen. Onder het mom van sociale bewogenheid bieden de organisaties hun potentiele leden een nieuwe start na een verslaving, een thuis voor vereenzaamde zielen of gewoon houvast in een veranderende wereld. De manipultie en psychologische druk komt in Het experiment uitstekend naar voren.

Het boek moet langzaam op gang komen. Het beschrijft het leventje van Hella en Berry die dol op elkaar zijn. Maar langzaam vallen de schaduwen van de organisatie, waaraan Berry zijn hart heeft verpand, over het liefdesgeluk. Terwijl het tempo in het boek steeds hoger komt te liggen, weet de lezer al dat dit niet goed kan aflopen. Sneller en sneller zijn de hoofdrolspelers op weg naar een spetterende finale.

Het experiment is een mooi vervolg van de carriere van Joost Heyink die met zijn debuut Proefverlof overstapte van de kinderboeken naar het thrillergenre. Ook Proefverlof is ten slotte een psychologische thriller. Met zijn tweede boek bewijst Heyink dat hij goed kan schrijven. Hij geeft bovendien een mooie schets van de handelwijze van sektes, wat tot een beklemmend verhaal leidt.

// Gijs Korevaar //

James Patterson & Liza Marklund, Partnerruil, uitgeverij Cargo

Onverwachte samenwerking leidt tot topboek

Kan Scandinavische sociale bewogenheid goed mengen met een Amerikaanse hard-boiled stijl van schrijven? Ja, dat kan. Dat bewijzen de Amerikaan James Patterson en de Zweedse Liza Marklund met hun thriller Partnerruil. De onverwachte samenwerking van de twee bestsellerschrijvers heeft geleid tot een topboek.
Het initiatief tot de samenwerking komt van de Amerikaanse schrijver Patterson. Die wilde graag een boek schrijven dat in een Europees land speelde. Samen met zijn literaire agent ging hij daarom op zoek naar Europese partner: een schrijver met een flinke staat van dienst. Niet eentje die op de slipstream van de beroemde Amerikaan hoopte mee te liften. Nadat zij hadden besloten Liza Marklund te vragen, was het contact snel gelegd.
De Zweedse schrijfster wilde al langer een Amerikaanse held in haar boeken introduceren en hapte meteen toe. Na lange telefoongesprekken en een ontmoeting in Florida hadden ze hoofdpersonen en plot in grote lijnen klaar. Daarna begon het schrijven, waarbij de teksten heen en weer werden gestuurd. “Dit is tot dusverre mijn favoriete partnerschap,” concludeerde Patteron. Ook Liza Marklund kijkt met een goed gevoel terug. “Ik heb er veel van geleerd, we hebben veel plezier gehad tijdens het schrijven en ik ben ook heel tevreden met het resultaat,” laat Marklund weten.
Het boek vertelt het verhaal over gruwelijke moorden in diverse Europese hoofdsteden. De seriemoordenaar of moordenaars slachten jonge stellen af en laat de lijken achter in houdingen die verwijzen naar beroemde kunstwerken. Een Amerikaanse rechercheur zit al maanden achter de groep aan. Hij heeft de jacht geopend, nadat zijn dochter een van de eerste slachtoffers is geworden. Hij krijgt in Zweden hulp van een journaliste. Terwijl de politiekorpsen van de Europese landen maar moeizaam samenwerken, zijn het vooral deze twee die achter de moordenaars aan gaan.
Alleen al dit uitgangspunt verraadt de achtergronden van de twee schrijvers. James Patterson houdt van de eenzame held die tegen eenn overmacht moet opboksen, terwijl Liza Marklund op haar best is in de serie rond misdaadjournaliste Annika Bengtson. De cocktail van deze twee stijlen smaakt voortreffelijk. De agent en de journaliste vullen elkaar goed aan, het geloofwaardige plot hapert nergens en de vaart zit er vanaf de eerste bladzijde goed in. De vlotte stijl neemt de lezer bij de hand en laat niet meer los. Hopelijk is de samenwerking van Liza Marklund en James Patterson niet eenmalig, maar schrijven de twee nog meer van deze heerlijke thrillers.

// Gijs Korevaar //

Henning Mankell, De gekwelde man, uitgeverij De Geus

Het definitieve einde van de Wallanderreeks

De succesvolle reeks over inspecteur Kurt Wallander heeft na zes jaren een vervolg gekregen. Maar met het tiende boek zet Henning Mankell er resoluut een streep onder. Een vervolg is niet meer mogelijk. Maar wat een einde, wat een boek. Een schitterend einde van een prachtige reeks.
Wallander is in De gekwelde man zijn ‘geboortestad’ - Ystad in Zuid-Zweden – ontgroeit. Een belangrijk deel van het verhaal speelt zich niet in deze stad af maar in de Zweedse hoofdstad Stockholm. Bovendien is het boek meer dan een normaal detectiveverhaal. Het draait om de verdwijning van een gepensioneerde marineofficier. Wallander wordt erbij betrokken omdat de verdwenen man de schoonvader is van zijn dochter, Linda Wallander. De inspecteur neemt verlof op om het raadsel op te lossen. Maar zo eenvoudig blijkt de verdwijning niet te zijn. Wallander komt op het spoor van een groot geheim uit de Zweedse geschiedenis, dat samenhangt met de geheimzinnige onderzeebooten die in de jaren tachtig in de buurt van de Zweedse marinehaven bij Stockholm opdoken. Waren dat wel allemaal Sovjetboten? En wat was in die tijd rol van de nu verdwenen marineman? Wallander doorkruist Zweden op zoek naar antwoorden.
Maar tegelijk merkt Wallander dat in zijn persoonlijk leven dingen mis beginnen te lopen. Hij is dolgelukkig met zijn kleinkind, maar hij wordt ook meer en meer bevangen door de angst om ouder te worden. Hij voelt zich onbehaaglijk, vreest het onbekende en is zo nu en dan volledig het pad kwijt. Zijn dat voorbodes van ouderdom of is het iets anders? Wallander kan er niet mee omgaan.
De gekwelde man is Hennning Mankell op zijn allerbest. De Zweedse topauteur heeft veel meer dan een simpele thriller geschreven. Als John LeCarré of Len Deighton in hun beste jaren is De gekwelde man een spionageroman met staatsgeheimen en spionnen. Toch is het ook een thriller met geweld en moord. En het is ten slotte ook een mooie roman over een man die bang is voor de ouderdom en de bijbehorende kwalen. Wallander probeert zijn angst te negeren, weigert toe te geven als Linda op doktersbezoek aandringt. Hij wil doorgaan, rechercheur blijven maar tegelijk ziet hij aan alle kanten de duisternis naderbij komen: pensioen, ouderdom, ziektes. Met een dramatisch slotakkoord zet Menning Mankell een punt achter de serie rond Wallander. De gekwelde man is een dik boek (600 pagina’s) maar verveelt geen moment. Daarvoor is de schrijfstijl te mooi, het plot te goed en het drama te groot. Als er al een toptien van must-read boeken zou bestaan, zou De gekwelde man bovenaan prijken.
 

// Gijs Korevaar //

Lars Kepler, Hypnose, uitgeverij Cargo

Hypnotische thriller

Wat is er toch met Zweden aan de hand? Een bijna eindeloze stroom spannende boeken uit het Scandinavische land overspoelt de wereld. Na het onverwachte maar overdonderende succes van Stieg Larssen is er nu opnieuw een talent opgestaan: Lars Kepler.
Deze naam is overigens niet meer dan een pseudoniem. Achter Lars Kepler verschuilt zich het Zweedse schrijversechtpaar Ahndoril. In hun eigen land wordt het echtpaar al vergeleken met Stieg Larsson. Dat is begrijpelijk: de twee gebruiken een beetje dezelfde stijl, de plots kronkelen en draaien, en er is veel aandacht voor de hoofdpersonen die dan ook goed uit de verf komen. Hypnose is dan ook net zo’n dikke pil als ieder boek uit de inmiddels befaamde trilogie van Stieg Larsson.
In Hypnose speelt de arts Erik Maria Bark de hoofdrol. In het verleden probeerde hij psychiatrische patienten te behandelen met hypnose maar na een dramatisch incident zweert hij dat hij nooit meer iemand onder hypnose zal brengen. Maar hij verbreekt die belofte als de politie hem vraagt een zwaargewonde getuige van een moord onder hypnose te verhoren. Tot onsteltenis van iedereen loopt dat verhoor heel anders dan de politie verwachtte. Bark krijgt niet alleen de moordenaar achter zich aan, hij krijgt ook de rekening uit het verleden gepresenteerd.
In Hypnose hebben de schrijvers een knappe mix gemaakt van de gebruikelijke Scandinavische ingredienten: kritiek op de Zweedse samenleving, psychologische diepgang en een echt detectiveverhaal. Uitgangspunt is ten slotte het politieonderzoek naar een gruwelijke moordzaak waarbij bijna een heel gezin wordt afgeslacht. Maar naast dat onderzoek spelen de huwelijksproblemen tussen Bark en zijn vrouw een belangrijke rol. Simone en Erik Maria Bark groeien steeds verder uit elkaar. Jaren geleden is hij vreemd gegaan en dat heeft Simone hem nooit vergeven. Maar onder druk van de omstandigheden draait zij nu de rollen om. Met het familiedrama op de achtergrond onrolt zich een ongelooflijk spannend plot. Het steekt goed in elkaar, maar het is wel heel erg ingewikkeld. De lezer moet dan ook goed bij de les blijven. Maar ondanks de omvang en het ingewikkelde plot is Hypnose een heerlijk boek om je in te verliezen. Het debuut van Lars Kepler is echt een lekker vakantieboek.

// Gijs Korevaar //